Winkelmand

Artikelen

Opa uit de kast en andere taboes

In de postmodernistische cultuur[1]die vrij dominant is in Nederland, wordt het belangrijk gevonden om vrij uit te komen voor wat je denkt. Iedere stem moet gehoord worden. Iedereen is gelijk(waardig). Onderdrukkende structuren moeten afgebroken worden. Dat leidt tot bijzondere gebeurtenissen zoals de roze loper die bij een verzorgingshuis werd uitgerold. Tot nu toe was er weinig tot geen aandacht voor de seksuele voorkeur van bejaarden. Gelukkig ontwikkelt de emancipatie zich verder waardoor een vrijer leven mogelijk wordt voor verschillende groepen in de bevolking. Zoals voor opa die zijn hele leven verborgen heeft gehouden dat hij zich aangetrokken voelde tot andere mannen. Dit is een positief voorbeeld van het doorbreken van taboes en uitkomen voor wat je werkelijk beleeft, vindt en ervaart. In dit artikel gaat het over de pijn van het zwijgen, over het belang van je uitspreken en je ervaringen delen met anderen en over de verantwoordelijkheid die dat ook met zich meebrengt.

Pijn leidt tot zwijgen en zwijgen leidt tot pijn

Ondanks de grotere openheid die onze samenleving kenmerkt, zijn er nog vele gebieden waarop het zwijgen en je niet uitspreken, meer de norm dan uitzondering is. Een actueel voorbeeld hiervan betreft ons koloniale verleden in Indonesië. Hoewel het al meer dan 70 jaar geleden is dat deze voormalige kolonie haar zelfstandigheid veroverde, wordt er nog steeds weinig over gesproken. De Indonesische mensen die naar Nederland moesten verhuizen, richtten al hun aandacht op het zich hier aanpassen aan de samenleving en het opbouwen van een goed leven. De gesprekken gingen over de toekomst en niet over het verleden.

“Ondanks de grotere openheid die onze samenleving kenmerkt, zijn er nog vele gebieden waarop het zwijgen en je niet uitspreken, meer de norm dan uitzondering is.”

Hierdoor wist de nieuwe generatie die hier opgroeide, heel weinig over haar achtergrond en de cultuur waarin hun ouders groot geworden waren. De gevangenen die in de Jappenkampen zaten, zwegen over hun ontberingen toen ze terug waren. Ook de nazaten van de ruim 200.000 Nederlandse militairen en 10.000 vrijwilligers die meededen aan de oorlog tegen Indonesië (‘politionele acties’ genoemd) hebben erg weinig gehoord over wat hun (groot)ouders en familieleden hebben meegemaakt. De oorlogsmisdaden die begaan zijn, werden aanvankelijk volledig in de doofpot gestopt. Nog steeds heeft de Nederlandse regering er moeite mee om dit verleden te erkennen en openlijk excuses aan te bieden.

Langzamerhand verschijnen documentaires en boeken, vaak gemaakt door kleinkinderen die nieuwsgierig zijn naar wat hun voorouders hebben meegemaakt en naar wat zij daarvan zelf nog steeds met zich meedragen. Bekend is hoeveel impact het zwijgen van getraumatiseerde ouders heeft gehad op kinderen  van de tweede of derde generatie. In meer traditionele waardesystemen is het normaal om over veel moeilijke of pijnlijke zaken niet te spreken. Ook in Nederland kennen we het spreekwoord: Spreken is zilver, zwijgen is goud. Uit schaamte, schuldgevoel of onmacht werd er gezwegen, de pijn werd binnen gehouden en niet gedeeld. Alleen wanneer soms vreemde stiltes vielen in een gesprek of abrupt een ander onderwerp aangesneden werd, werd voelbaar dat er ‘iets was’. Ook werd dat vaak zichtbaar in boze reacties en onnodige woedeaanvallen, meestal aan de kant van vader/opa. Diens echtgenote ging hier dan weer heel omzichtig mee om en zorgde ervoor dat de rest van het gezin zich koest hield.

Meer openheid en doorbreken van het zwijgen

Voor veel mensen is het een verademing als er wel openlijk gesproken kan worden over hetgeen zich in de familiehistorie heeft afgespeeld en als dat met elkaar gedeeld kan worden. Het is belangrijk dat dat wat verborgen bleef in de duisternis, in het licht gezet kan worden. Dat geeft bevrijding en ‘ruimt op.’ Dat geldt voor een individu, het is vaak een reden om in therapie te gaan. Dat geldt ook voor een organisatie of samenleving. Het opruimen van je eigen individuele schaduw en van de collectieve schaduwen die ook in jou opgeslagen zijn, is essentieel om je vrij te kunnen ontwikkelen naar volledig mens-zijn. Deze zomer heb ik tijdens een retraite in Duitsland direct kunnen ervaren hoe de schaduw van de Holocaust terug te vinden was in de angst van de Duitse deelnemers om het ‘niet goed’ te doen. Zo bevreesd om verkeerde keuzes te maken. Zo’n schroom om fouten te erkennen. Hoeveel pijn het hen deed om te dealen met ‘foute’ ouders en het zwijgen thuis. En hoe bevrijdend het was om het los te mogen laten. In Duitsland is er na de oorlog een sterke ‘ErinnerungsKultur’ opgebouwd. Er is een diep besef hoe belangrijk het is om de geschiedenis levend te houden: Nie wieder.

“Het opruimen van je eigen individuele schaduw en van de collectieve schaduwen die ook in jou opgeslagen zijn, is essentieel om je vrij te kunnen ontwikkelen naar volledig mens-zijn.”

Ook in Nederland hebben we nog veel te leren. Veel mensen weten weinig over onze eigen historische achtergrond, of kennen alleen de positieve (helden)versies, bijvoorbeeld over de VOC-mentaliteit, onze handelsgeest of het verzet in WOII. In de zwarte pieten discussie blijkt de onwetendheid en komt het venijn naar buiten. Aan de ene kant ontkennen de (traditionele) voorvechters de rol van hun Nederlandse voorouders als slavenhandelaren. Aan de andere kant doen ze een emotioneel beroep op het recht om hun ‘eigen cultuur’ te behouden en te beschermen. Het verhaal over die eigen cultuur betreft dan het mooie, ‘warme’ gedeelte: de  traditionele verbondenheid in de familie en in de buurt, het kinderfeest. Er is weinig tot geen bewustzijn over het andere deel van die cultuur waarin financieel winstbejag een belangrijk element was en is. Handelsgeest, als er geld te verdienen viel, gingen we over lijken[2]. Een open gesprek tussen de nazaten van de veroveraars en van de tot slaaf gemaakten kan polarisatie verminderen en ruimte creëren voor ons gezamenlijke verleden. Dit is van groot belang in onze multiculturele steden. Bestuurders zouden hiervoor gelegenheden kunnen creëren. Dit soort gesprekken ontstaan zelden spontaan.

Verantwoordelijkheid nemen

Bij deze individuele en collectieve ontwikkeling naar meer openheid en verwerking van het verleden, past ook een kanttekening. Wanneer het ‘spreken Goud is geworden’, ontstaat parallel daaraan een grote verantwoordelijkheid. Je uitspreken biedt immers geen vrijbrief om alles maar op straat te gooien. Het gaat erom onderscheid te kunnen maken. Het gaat om het openen van je hart en het luisteren naar de ander. Het gaat om het ontwikkelen van inzicht, het tonen van respect en het verwerken van negatieve emoties zoals woede en haat. Zodra mijn recht om mij te laten horen en alles te mogen zeggen, verwordt tot een aanval op anderen en tot het afbreken van deze samenleving, verspeel ik in wezen mijn recht van spreken. Het postmodernisme heeft in de jaren zeventig de basis gelegd voor zelfonderzoek, open communicatie en erkenning van de pijn door onderdrukkende hiërarchieën. Er is ruimte gecreëerd voor iedere meningsuiting en emotionele expressie. Daarin heeft echter de subjectieve beleving de overhand gekregen op objectief onderzoek.

Nu, in de overgang naar een meer Integrale samenleving wordt het belangrijk om ons veel meer te bezinnen en om verstandig om te gaan met de verworven vrijheden. Niet alles wat geroepen wordt of als informatie verspreid wordt, is van belang. Het is tijd om te kiezen voor datgene dat méér WAAR en méér WAARD is. Uiteindelijk, maar met een nieuwe betekenis, gaat het toch om: Spreken is zilver, zwijgen is goud. Wanneer je geleerd hebt om je uit te spreken, is de volgende stap de wijsheid te ontwikkelen om te zwijgen waar nodig. Niet alle innerlijke roerselen hoeven gedeeld te worden, doe het met ‘beleid’.

[1]Het Groene waardesysteem in Spiral Dynamics, zie ook: www.spiraldynamicsintegral.nl

[2]Zie ook https://www.pioniersmagazine.nl/indie-verloren-rampspoed-geboren/

Leida Schuringa

Leida Schuringa schrijft voor Pioniers Magazine. Zij is bestuurslid van het Center for Human Emergence dat - evenals het gelieerde bedrijf Synnervate – werkt op basis van het Integrale model van Ken Wilber en Spiral Dynamics Integral (SDi) (zie www.spiraldynamicsintegral.nl). Leida is auteur van verschillende boeken o.a. Omgaan met diversiteit; Projectmatig werken voor de non-profit sector en Community Empowerment in a developing country. Haar ervaring ligt in de non-profit sector en ontwikkelingssamenwerking. Op dit moment is zij met name actief in Tsjechië en Malawi. Leida is socioloog, gecertificeerd (leer)supervisor, integral coach (ICC), trainer en adviseur. Zij is geïnteresseerd in de toepassing van SDi op maatschappelijke vraagstukken. Haar specifieke expertise ligt vooral op het terrein van community empowerment en haar passie is een bijdrage te leveren aan samenwerking tussen mensen met allerlei verschillende achtergronden.