Duurzaamheid

Kansen voor duurzame noordelijke provincies

We erven de wereld niet van onze ouders, maar lenen de wereld van onze kinderen.

Jaren geleden las ik deze kleine tekst, geschreven en beleefd door de Canadese Haida indianen. Je weet hoe dat kan gaan met kleine tekstjes: die kunnen je grijpen zonder je ooit weer los te laten. Nu ik zelf kinderen heb, besef ik me steeds beter dat ik hier tijdelijk en te gast ben. We zijn het dus aan onze kinderen verplicht om het gebruik van fossiele brandstoffen terug te dringen. Het gebruik van fossiele brandstoffen is sinds de industriële revolutie exponentieel gestegen en loopt gelijk met de stijgende welvaart.

“Met je eigen gedrag als consument beïnvloed je het gedrag van bedrijven, dus daar kun je het verschil maken en zo ook het gebruik van fossiele brandstoffen verminderen.”

Omdat we goedkope welvaartsgoederen laten produceren in landen waar wetgeving over milieu en arbeid praktisch ontbreken, ervaren en zien we de vervuiling niet. Dit is natuurlijk struisvogelgedrag in de trant van: wat ik niet zie is er niet. Met je eigen gedrag als consument beïnvloed je het gedrag van bedrijven, dus daar kun je het verschil maken en zo ook het gebruik van fossiele brandstoffen verminderen.

Van fossiel naar toekomstbestendig denken

Fossiele brandstoffen zijn koolwaterstofverbindingen zoals aardolie, aardgas, steenkool en bruinkool. Ze zijn ontstaan uit resten van plantaardig en dierlijk leven in het geologisch verleden van de aarde. Bij de pomp tank je eigenlijk een half miljoen jaar oude cocktail van vissen en planten. Deze ooit levende soep heeft koolstofdioxide opgenomen en zuurstof uitgescheiden. Als we deze verbranden, ontstaat er een disbalans waardoor de wereldwijde CO2 levels stijgen. De behoefte aan energie om te koken en te verwarmen is al zo oud als de mensheid en kwam eerst in de vorm van gedroogde mest met stro en hout. In de middeleeuwen bleef de bevolking groeien en werd hout steeds schaarser, wat de weg vrij maakte voor turfwinning voor industriële, ambachtelijke en huishoudelijke toepassingen.

In de Groninger veenkoloniën lag een uitgestrekt moerasgebied dat vanaf 1600 ontdaan werd van de veenlaag om vervolgens naar Holland verscheept te worden. Groningen is dus eeuwenlang de brandstofleverancier voor de Randstad geweest en met het Groninger gas zijn we dat tot op de dag van vandaag nog steeds. Na 1850 werden bruinkool en steenkool de voornaamste energiedragers. In de stad Groningen werd in die tijd de eerste gasfabriek gebouwd die alle huishoudens tot 1961 voorzag van gaslicht door kolen te vergassen.

Op 29 mei 1959 werd door de Nederlandse Aardolie Maatschappij in Slochteren het eerste Groningse gas ontdekt met een gasvoorraad van 2800 miljard kubieke meter. Deze vondst leidde tot het besluit om heel Nederland aan te sluiten op aardgas. Met de opkomst van kernenergie in de jaren ‘60 is besloten om het aardgas zo snel als mogelijk te verkopen aan buitenlandse afnemers. Dit heeft de schatkist tot nu toe ruim 211 miljard euro aan aardgasbaten opgeleverd. Vanaf 1995 werd 40% van de aardgasbaten in het Fonds Economische Structuurversterking gestort. Dit fonds investeert in infrastructuur, onderwijs en innovatieve projecten. Er is tussen 2009 en  2015 zo’n 26,5 miljard euro geïnvesteerd in projecten als de Betuweroute en de Hogesnelheidslijn. Prestigeprojecten in de Randstad die, naast dat ze grandioos mislukt zijn, niets hebben bijgedragen aan de economische ontwikkeling in de provincie Groningen. Slechts 1% is in het noorden besteed, in tegenstelling tot 88% in het westen, 9% in het zuiden en 2% in het oosten.

“Mensen worden zoet gehouden met lichtgewicht schoorstenen, wat lintankers en steenkleurige vulpasta. De werkelijke schade ligt echter veel dieper.”

Kunstmatig naar beneden bijgesteld

De leefbaarheid in de provincie wordt aangetast door een starre overheid die weigert de Groningers te compenseren voor de schade aan vastgoed door bodemdaling en aardbevingen. Daarnaast kun je door de bodemdaling in de toekomst een verzilting van de grond verwachten waar moeizaam nog gewassen geteeld kunnen worden en dan te bedenken dat Oost Groningen de graanschuur van Nederland was. Deze treiterpolitiek en ellenlange procedures over schadetoekenning en -afhandeling drijven mensen tot wanhoop. Velen zitten gevangen in hun huis dat door schade onverkoopbaar is geworden. Mensen worden zoet gehouden met lichtgewicht schoorstenen, wat lintankers en steenkleurige vulpasta. De werkelijke schade ligt echter veel dieper. In de rapporten worden veel scheuren niet erkend als een gevolg van aardbevingen. Hierdoor wordt de ernst van de schade kunstmatig naar beneden bijgesteld om eventuele compensatie in de toekomst te verminderen. Deze aanpak ontwricht de samenleving in sterke mate, omdat mensen geen toekomstplannen kunnen maken. De tijd staat dan letterlijk stil.

Groninger uitverkoop

Slechts 5,6% van de in Nederland opgewekte energie is duurzaam en van niet fossiele oorsprong.

De doelstellingen om in 2020 14% op te wekken wordt bij lange na niet gehaald. Daarnaast zit onze overheid zichzelf in de weg in de transitie naar duurzame energie, doordat ze vergunningen heeft verleend voor een kolengestookte energiecentrale van het Duitse RWE in de Eemshaven in Groningen. Tevens staan er nog een Multi-Full centrale van Nuon en een gasgestookte centrale van Electrabel die alledrie geen duurzame oplossing voor de toekomst bieden. Er werd 5 miljard euro subsidie uitgegeven aan kolencentrales voor de bijstook van biomassa. De plannen om de lege gasvelden weer te vullen met CO2 uit deze centrales liggen al klaar. De grond is letterlijk in de uitverkoop gedaan en met Google en mogelijk Tesla halen we, naast natuurlijk de welkome arbeidsplaatsen, ook de vervuiling en de energieconsumptie naar het noorden. We hebben hier al een halve eeuw wel de lasten maar niet de lusten.

Ik pleit voor een generale waardecompensatie voor alle gedupeerden van Groningen binnen een korte termijn waardoor het vertrouwen in de toekomst herteld wordt. Aangezien onze overheid voor 50% eigenaar van de NAM is en het landsbelang dient, zal de verantwoordelijkheid daar genomen moeten worden.

Van krimp naar duurzame economie

Daarnaast ligt er een prachtige kans voor het ontwikkelen van Groningen, Drenthe en Friesland als eerste circulaire economie en daarmee proeftuin op grote schaal in Nederland, wat naadloos aansluit op de duurzame doelstellingen voor 2020. In deze circulaire economie worden producten en materialen hergebruikt en behouden grondstoffen hun waarde. Dat brengt veel kansen voor ondernemers: meer ketensamenwerking, meer innovatie, minder grondstoffenverbruik en minder afval. Pioniers op dit gebied zijn bijvoorbeeld Gunter Pauli, oprichter van Ecover en lid van de Club van Rome. Van zijn boek The Blue Economy – 10 Years, 100 Innovations,100 Million Jobs zijn al miljoenen exemplaren verkocht. Met zijn researchcentrum ZERI (Zero Emissions Research and Initiatives) richt hij zich op het ontwikkelen van kenniscentra met als doel duurzame productiemethoden te ontwikkelen zonder afval. Zowel architecten als Thomas Raw en Bill McDonough zien kansen in gebouwen als toekomstige materiaal depots. Beiden creëren gebouwen die meer energie leveren dan ze verbruiken en waarbij grondstoffen voortdurend in een kringloop blijven en zo geen waarde verliezen. Sterker nog: met het steeds schaarser worden van grondstoffen stijgen deze in prijs. Ook liggen er kansen voor een biobased economy waarin reststromen van landbouwgewassen aangewend worden voor de productie van plaatmaterialen voor bijvoorbeeld de bouw van ecologische woningen die zo energiezuinig zijn dat een gasaansluiting overbodig is. Reststromen van aardappelzetmeelfabrieken en herwinning van cellulose uit zuiveringsinstallaties vormen nu al de grondstoffen voor bioplastics. Een mooi voorbeeld van de toepassingsgebieden van biokunststoffen en innovatief omdenken over grondstoffen en productie is het schoolmeubelsetje Climop.nl voor basisonderwijs dat bestaat uit slechts twee materialen: biokunststof en aluminium, volledig verstelbaar voor kinderen van 4 tot 12 jaar.

“De overheid is trendvolger en geen trendsetter. Het is dus aan ons om van onderaf de koers te wijzigen.”

En nu zijn wij aan de beurt

Zo zijn we weer terug bij de bovenstaande tekst die mij persoonlijk veranderd heeft. Welke waarden zijn van werkelijk belang en hoe kunnen we bestaande vraagstukken over het milieu samen laten vallen met economisch en politiek belang? Zolang vooruitgang wordt gezien als economische groei, zal kortetermijnwinst het winnen van duurzaamheid, sociale rechtvaardigheid en welzijn. De huidige milieu-uitdagingen vereisen weloverwogen keuzes voor nu, omdat ze onomkeerbare gevolgen hebben voor de natuur en voor mensen wereldwijd. De overheid is trendvolger en geen trendsetter. Het is dus aan ons om van onderaf de koers te wijzigen. De transitie naar een andere waardeverdeling is al lang ingezet en de signalen worden steeds sterker. Nederland heeft een duurzame economie met hoogwaardige technologieën en een verdeling naar waarde nodig, niet vanuit slachtofferschap of ontevredenheid, maar vanuit het geloof in eigen kracht en de bereidheid tot samenwerking. Laten we hier in het Hoge Noorden maar mee beginnen, omdat wij nu even aan de beurt zijn!

Steven Krol

Steven Krol schreef enige tijd voor Pioniers Magazine. Hij werkt als interieurarchitect, vormgever en frisdenker vanuit zijn bedrijf ‘Zinniger Vormgeving’. De naam ‘Zinniger’ is een samenvoeging van ‘eigenzinnig’ en ‘zinvoller’. Dit zijn twee componenten die voor hem aanwezig moeten zijn in zijn werk en waarde toevoegen. Steven ontwerpt totaalconcepten en producten voor uiteenlopende opdrachtgevers. Meestal zijn dit opdrachtgevers die met hun producten of diensten van waarde willen zijn in de maatschappij en/ of duurzaamheid op de agenda hebben staan. Biobased economie, circulaire economie, healing environment, holistische visie en materiaal innovaties zijn sterke thema’s in het werk van Steven. Daarnaast is hij ontwerper en eigenaar van ‘Climop’. Dit is een eigentijds, verstelbaar schoolmeubel van duurzaam biokunststof dat speciaal ontworpen is voor het basis- en voortgezet onderwijs: een stoel en een tafeltje die een hele schoolcarrière mee kunnen. info: www.climop.nl