Artikelen

ING top: arrogantie, hebzucht en een gebrek aan bescheidenheid

Vorige week ontstond grote maatschappelijk ophef toen bekend werd dat de bestuursvoorzitter van de ING een salarisverhoging kreeg van 50% (van 1,6 miljoen naar 3 miljoen euro). Deze verhoging werd verdedigd door Jeroen van der Veer, de voorzitter van de Raad van Commissarissen en voormalig topman van Shell, met de argumentatie dat Hamers in de eredivisie speelt, maar wordt ‘afgescheept’ met een Jupilair League salaris. Getuige alle negatieve reacties op social media stond Nederland op zijn kop. Ook politiek Den Haag was zeer ontstemd en iedereen had er wel een mening over die varieerde van schandalig, overmatig inhalig tot de vraag of deze bank en de bancaire wereld in het algemeen wel iets geleerd had van de financiële crisis. Inmiddels is dit voorstel onder druk van de publieke opinie en door massale wegloop van klanten ingetrokken. Ondanks het terugdraaien van het voorstel verandert het niets aan het gegeven en de achterliggende houding.

Rechtvaardigheid

Alle argumenten ter verdediging van deze verhoging mag je gerust als niet relevant benoemen. Het is zeker zo dat als je dit inkomen (€ 250.000 per maand) vergelijkt met de rest van de wereld, je zou kunnen zeggen dat Hamers nog aan de lage kant zit. Anderzijds kun je ook veel voorbeelden noemen van topmannen en vrouwen die per jaar ontvangen wat hij per maand ontvangt.

“Als Hamers morgen onverhoopt langdurig ziek zou worden, dan weet ik zeker dat de bank gewoon doordraait en het voor de klant niet eens merkbaar zou zijn dat hij ziek is.”

Wat moeilijk te verkroppen is, is het feit dat nog niet zo heel lang geleden een dikke 2000 mensen hun baan hebben verloren bij de ING. Een relevante vraag die de heer Hamers en de heer Van de Veer zich hadden mogen stellen, is die van onmisbaarheid. Als Hamers morgen onverhoopt langdurig ziek zou worden, dan weet ik zeker dat de bank gewoon doordraait en het voor de klant niet eens merkbaar zou zijn dat hij ziek is.

Als ik dat omdraai en me afvraag wat er zou gebeuren als het equivalent van zijn salaris (1000 medewerkers) morgen onverhoopt langdurig ziek zou worden, dan weet ik zeker dat dit een negatieve impact zou hebben op de operationaliteit van de bank.

“Hoe mooi zou het zijn geweest en wat een prachtig voorbeeld voor zijn gelijken elders als hij die 50% had geweigerd en ten gunste had gesteld van degenen die het echte werk doen.”

Ik heb geen probleem met het feit dat de mannen en vrouwen aan de top fors betaald worden, waarbij ik dan wel hoop dat vrouwen gelijkwaardig beloond worden ten opzichte van hun mannelijke gelijken. Waar ik wel problemen mee heb, is dat er mensen op dat niveau zitten die geen oog en oor hebben voor rechtmatigheid en rechtvaardigheid. Hoe kun je als bank moeilijk doen als er voor de medewerkers een salarisverhoging wordt gevraagd van 1,5%, terwijl je zelf gretig 50% wilt incasseren? Dat gaat er bij mij niet in. Hoe mooi zou het zijn geweest en wat een prachtig voorbeeld voor zijn gelijken elders als hij die 50% had geweigerd en ten gunste had gesteld van degenen die het echte werk doen. Hoe krachtig zou het zijn geweest als hij nu zijn salarisverhoging zou hebben geweigerd, met de boodschap dat er anderen ernstiger hadden geleden dan hij? Daarbij refererend aan de banenreductie binnen zijn bank in oktober 2016, toen hij aankondigde dat er 2300 banen in Nederland (7000 wereldwijd) geschrapt moesten worden omdat, naar zijn zeggen, de bank het hoofd moest bieden aan de strengere kapitaaleisen en de lagere rente?

Betekenis geven

Het soort leider waar we naar op zoek zijn, is degene die betekenis kan geven aan anderen die het werk uiteindelijk uitvoeren. Welke betekenis zou hij geven aan zijn exorbitante verhoging? Hoe denkt hij in staat te zijn de medewerkers in ‘zijn’ bedrijf te inspireren het goede te doen en zich maximaal in te zetten?

Toen Map Oberndorff in haar interview met Peter Blom, topman van de Triodosbank in 2016 de vraag stelde wat hij verdiende, gaf Blom het volgende antwoord:

Drie ton. Ja, dat is een fors salaris. Maar ik vind dat ik dat kan uitleggen, zowel naar de klanten als ook intern. Bij een bedrijf van deze omvang met alle bijbehorende functies kom je tot een bepaalde salarispiramide. De verhouding tussen het laagste en hoogste salaris is 1 staat tot 10. Daarmee is bij ons die piramide veel platter dan bij andere banken. We hadden er ook voor kunnen kiezen dat iedereen hetzelfde zou verdienen. Maar die keuze hebben we niet gemaakt.”

Misschien zal dat nu in 2018, iets hoger zijn, maar het is een tiende van wat Ralph Hamers mee naar huis neemt! Ik vrees dat de verhouding tussen het laagste en hoogste salaris binnen de ING 1 staat tot 100 is. Dit soort verhoudingen, het met droge ogen kunnen accepteren van zo’n salaris en zo’n verhoging getuigt van arrogantie, hebzucht en het totaal ontbreken van enige vorm van bescheidenheid.

Bescheidenheid

In mijn boek ‘Nooit meer de baas’ zeg ik het volgende over bescheidenheid, oftewel humbleness zoals wij dat binnen Servant-Leadership noemen:

“Humbleness is een niet vaak voorkomende eigenschap bij leiders. Meestal gaat het om hen zelf en niet om de ander. Je ziet ze overal: in de politiek, op het wereldtoneel, in de zorg, het bankwezen en het bedrijfsleven. Op het moment dat deze mensen worden aangesproken op hun gedrag of herinnerd aan niet nagekomen toezeggingen, staan ze altijd klaar een excuus te produceren of een ander de schuld te geven.

 Peter Blanker zong al eens “Het is moeilijk bescheiden te blijven” en dat is ook het thema voor leiders die zichzelf meer waarde toedenken dan de waarde die hen die zij mogen leiden hen toedenken. Een Servant-Leader maakt zich daar geen zorgen over. Die doet zijn best dingen te bereiken die goed zijn voor hen die hij mag leiden en/of goed voor de wereld die wij mogen bewonen. De vraag naar dit soort leiders neemt toe, getuige de groei van onvrede en onbehagen in de wereld.

Een leider verliest aan geloofwaardigheid als hij zijn eigen tekortkomingen weigert te onderkennen en zich niet kwetsbaar durft op te stellen. Niet alleen het Nederlandse volk in het algemeen, maar veel mensen binnen organisaties en instellingen, zoeken naar die nieuwe dienende leider die zijn kracht herleid uit de volmacht die hem gegeven wordt door wie hij mag dienen en die hij wil ontwikkelen.

Het is dus geen kwestie van jezelf op de borst rammen om aan te geven hoe groot je wel bent maar een kwestie van luisteren naar diegenen die je mag leiden en het oordeel over jouw kwaliteiten als leider niet zelf al uitspreken maar overlaten aan hen die je mag leiden.”

Ik hoop dat zowel Ralph Hamers als Jeroen van de Veer zichzelf een dezer dagen eens aan durven te kijken in de spiegel met de simpele vraag “Wat voor voorbeeld wil ik zijn, in mijn organisatie en in onze maatschappij?” En dan nu niet komen met een schouderophalend “Wat zeur je nou? Het is toch niet doorgegaan?” Want hun intentie wordt daarmee niet anders. Ik vrees dat hun eerste antwoorden op deze vraag eerder in de richting van hun eigen gelijk zullen gaan. Heel, heel misschien als ze zichzelf eens langer aankijken en proberen om niet naar hun gelijk te kijken maar naar hun geluk en dat van degenen die zij als leider mogen dienen, gaat er twijfel groeien over de wijze waarop zij zich manifesteren. Mogelijk gaan ze op zoek naar de vraag of ze op deze manier wel goed bezig zijn, proberen ze weg te komen van het gedrag van arrogantie en hebzucht en willen ze eerder zoeken naar hoe zij ook bescheiden kunnen worden.

Binnen Servant-Leadership Solutions bieden wij een veelvoud van programma’s aan alle leiders en aankomende leiders die hen helpen de weg naar zichzelf te vinden en te toetsen in hoeverre zij aan dit en de andere kenmerken en competenties van Servant-Leadership voldoen en/of zich daarin kunnen bekwamen. Iedereen kan een Servant-Leader zijn als men daarvoor kiest en zich kwetsbaar durft op te stellen en bereid is naar zichzelf te kijken en zich te ontwikkelen.

Daan Fousert

Daan Fousert (1947) is redactielid en auteur voor Pioniers Magazine. In de redactie is 'leiderschap' zijn aandachtsgebied. Daan wordt algemeen beschouwd als de grondlegger van Servant Leadership in Nederland. Hij schreef diverse boeken over Management, Human Resources en Dienend-Leiderschap. Zijn professionele focus is gericht op de volle breedte van leiderschap en de ontwikkeling van mensen. Momenteel is hij algemeen directeur van Servant-Leadership Solutions. “Het oude leiderschap is dood, en om het nieuwe aan te duiden hebben we allerlei woorden nodig die de aandacht in feite alleen maar afleiden van waar het werkelijk om gaat. Al die adjectieven verhullen dat we bij leiderschap geen eigen, grootse connotatie meer hebben. Ik heb me verbonden met dienend leiderschap, maar die term omvat niets wat met het woord leiderschap alleen niet ook te duiden valt. Echt leiderschap ís dienend. Al het andere is geen slecht leiderschap, het is géén leiderschap. Hou het simpel.” Daarnaast is Daan beeldhouwer en auteur van inmiddels al weer 6 romans.